Jan Katers werd op 9 oktober 1923 geboren als jongste in een gezin met drie kinderen. Zijn vader had een schilderszaak in de Westwijkstraat op huisnummer 8, later in de Emmastraat nummer 6 te Steenwijk. Na de Lagere School voor Christelijk Volksonderwijs kwam hij bij zijn vader in het schildersvak en volgde aan de LTS de avondcursus schilderen. Toen hij zestien was brak de oorlog uit en was hij lange tijd ondergedoken in Friesland en Paasloo.
De gedachte zijn vader op te volgen in het schildersbedrijf sprak hem niet aan. Hij vond werk bij de poppenfabriek van Nolles, waar hij zich een meester toonde in het beschilderen van de papiermaché poppenkopjes. Later werden deze zogeheten Wildebras-poppen van kunststof vervaardigd. Het gebruik van dit nieuwe materiaal bracht hem op het idee, samen met de loodgieter Alle van Dijk, een techniek te ontwik- kelen voor de productie van plastic bochtstukken voor water- afvoersystemen.
In de voormalige bakkerij De Beuk in Tuk vonden de eerste experimenten plaats, niet alleen met bocht- stukken maar ook met andere producten =zoals bijvoorbeeld kunststof-autopedwielen. Niet lang daarna werden machines aangeschaft. Aan de Produktieweg in Steenwijk verrees in 1957 de eerste fabriek, die de naam DYKA kreeg, een samentrekking van de namen van beide oprichters. Alle van Dijk was direc- teur, Jan Katers bedrijfsleider van de fabriek, die gestaag uitgroeide tot het thans florerende bedrijf DYKA STEENWIJK BV dat enkele honderden werknemers telt. Jan Katers bleek ook andere capaciteiten te hebben. Hij deed aan zelfstudie en volgde diverse cursussen. Vooral nadat hij was teruggetreden uit het bedrijf, ontwikkelde hij =zich als een verdienstelijk kunstschilder. Met potlood en penseel beeldde hij menigmaal =zijn geboortestad uit, maar ook =zijn schilderijen van Giethoorn en De Weerribben getuigen van zijn liefde voor de natuur en van zijn vakmanschap als schilder. Hij hield zich vol enthousiasme bezig met de dingen van Steen- wijk en omgeving; met de dingen van vroeger vanuit zijn vrij- willigerswerk voor de Oudheidkamer, maar ook met het heden. Enkele jaren nadat zijn vrouw, Grietje IJdel, was overleden, trof Jan hetzelfde lot. Hij overleed op 8 augustus 1992 en werd vier dagen later gecremeerd in Meppel. [JDvdT]