Bewoning
Uit Lexicon Steenwijks verleden (2025)
Sinds de Nieuwe Steentijd (4.900-2.000 jaar v.C.) kan men spreken van enige ‘vaste’ bewoning in onze omgeving. Daarvóór leefden hier jagersvolken zonder vaste verblijfplaats. De oudste woningen waren van hout opgetrokken, bekleed met wilgenvlechtwerk en leem, afgedekt met riet, stro of plaggen en bestonden uit één ruimte die gedeeld werd met het vee en de oogst van het seizoen. Overblijfselen hiervan zijn in onze directe omgeving niet gevonden, hoogstens donkere verkleuringen in het zand waar draagpalen hebben gestaan. Stenen funderingen en muurresten uit de late middeleeuwen komen voor in de oudste boerderijen; in de stad werden woonhuizen vooral sinds de grote stadsbrand van 1523 in steen opgetrokken.[1]
Zie ook
Bronnen en referenties
- ↑[1] Steenwijk Vestingstad; een terugblik voor de toekomst. Steenwijk, HVS, 2009. • p45-58.